Jan Prins (85), de grondlegger van de toonaangevende tuinbouwtoeleverancier Priva uit De Lier, zet zich met zijn stichting Jarikin al járen in voor de arme bevolking van Haïti. Nu is de stichting een zelfvoorzienend tuinbouwbedrijf aan het opzetten in het land.

Jan Prins verkende voor Priva in de tweede helft van de jaren tachtig de markt in Amerika en Canada. De eerste computer verkocht hij aan de nazaten van de familie Van Wingerden en dat eerste contact leidde tot een hechte band die zich uitstrekte tot over de grenzen van de zakelijkheid.

,,De familie had een landbouwbedrijf in Haïti”, begint de kwieke tachtiger zijn verhaal. ,,Double Harvest streeft ernaar tweemaal per jaar te oogsten. Bij het bedrijf richtte men een school op en ik werd gevraagd om een aantal leerlingen te sponsoren. Dat heb ik privé, samen met mijn vrouw, tot nu toe gedaan.”

Toen de Lierenaar in 2007 samen met zijn echtgenote naar Haïti ging om de opening van een medisch centrum bij Double Harvest bij te wonen, werden ze getroffen door de pure armoede waarin de mensen moesten leven. ,,80 procent van de mensen had weinig”, zag hij. ,,Maar het trieste is dat ze anno 2020 nóg minder hebben als gevolg van de slechte regeringen, de corruptie en het feit dat het land zelf niets produceert. Alles wordt geïmporteerd.”

Voor Prins was de toestand niet nieuw, maar zijn vrouw was énorm onder de indruk en spoorde haar man aan om projecten van de grond te tillen. ,,We hebben ons toen toegelegd op het onderwijs, omdat goed opgeleide mensen het land naar een hoger niveau kunnen tillen”, legt de Westlander uit. ,,Het oprichten van een school vraagt veel financiële middelen. We hebben toen Jarikin, een privé-initiatief, opengesteld voor sponsoren.”

Het echtpaar vond mensen die hen nu alweer vele jaren heel trouw ondersteunen. ,,We hebben geen overheadkosten, die worden door Priva betaald, dus elke euro komt in het project terecht”, vertelt Prins. ,,Dat we op het goede spoor zitten blijkt omdat de stichting Wilde Ganzen al onze giften met 50 procent verhoogt. We hebben vier jaar geleden een school geopend waar vijfhonderd kinderen onderwijs volgen.”

De kinderen krijgen elke middag een warme maaltijd en organisatorisch staat volgens Prins alles geweldig op de rails. ,,In het gebied wonen duizenden kleine arme boertjes. Bij gebrek aan water, goed zaaizaad en kennis leven ze in armoede. Vanwege het onberekenbare klimaat zou met plastic bedekte tuinbouw een uitkomst zijn. Daar ligt nu onze grootste prioriteit. We zijn een zelfvoorzienend tuinbouwbedrijf aan het opzetten. Inmiddels zijn twee Haïtiaanse agronomen opgeleid bij Rijk Zwaan in Frankrijk. Rijk Zwaan gaat ons ondersteunen.”

Jan Prins droomt van een situatie waarin de opbrengsten van de tuin op termijn zorgen dat de school zelfstandig verder kan. ,,We kunnen niet tot in het oneindige blijven sponsoren. Daarom hopen we met behulp van de tuin de vakkennis van de mensen op een hoger niveau te brengen. De opbrengsten verkopen we aan de twintig procent van de Haïtianen die de producten kunnen betalen en met dat geld houden we de school in stand.”

Corona heeft Jarikin tot een derde project aangezet. ,,De mensen zijn straatarm en velen verloren door de coronacrisis hun baan”, weet Prins. ,,Geen werk betekent geen eten. Honger wordt een even grote bedreiging als het virus en daarom stellen we nu voedselpakketten samen voor de allerarmsten. Onze kracht is de zekerheid die we de sponsoren kunnen bieden. We staan in constante verbinding met Wyphalda Jean, onze assistente in Haïti. We weten wat er gebeurt en waar elke euro aan wordt besteed.”

(Dit artikel verscheen eerder in het Algemeen Dagblad, editie Westland, 11 juli 2020)